Een interview met Giulio Severijnen.
Wat was de centrale vraag in je proefschrift?
In mijn proefschrift heb ik onderzocht hoe we elkaar kunnen begrijpen tijdens een gesprek, ondanks de verschillen in de manier waarop we spreken. De een spreekt met een dialect vanwege de regio waar diegene is opgegroeid, de ander heeft biologische verschillen zoals een hoge of lage stem, of lispelt waardoor de 's' anders klinkt. Daarnaast heeft iedereen een eigen tempo: sommigen praten razendsnel, anderen juist heel rustig. Ondanks al die variatie begrijpen we elkaar meestal zonder moeite. De hoofdvraag van mijn proefschrift was: hoe krijgen we dit voor elkaar?
Kun je de (theoretische) achtergrond iets meer uitleggen?
Het begrijpen van gesproken taal gebeurt in een aantal stappen. Om te beginnen moeten we de juiste klanken in een zin herkennen. Als iemand vraagt: "Kun je mij die peer geven?", moeten onze hersenen correct registreren dat het om een 'peer' gaat en niet om een 'beer'. Daarnaast moeten we de prosodie van de zin correct interpreteren, oftewel de toon, het ritme en de klemtoon. Daaraan horen we namelijk of iets een vraag of een stelling is, en welke lettergrepen extra nadruk krijgen.
Dat we elkaar begrijpen is dus ingewikkelder dan het lijkt. Al die unieke manieren van spreken zorgen voor eindeloze variatie in klank, ritme en klemtoon. Toch filteren we die er feilloos uit om de juiste betekenis te begrijpen. Voor ons als onderzoekers is het doorgronden van die spraakwaarneming een fundamentele vraag. Door de inzichten die dit oplevert komen veel interessante aspecten van spraakwaarneming aan het licht.
Waarom is het belangrijk om deze vraag te beantwoorden?
Buiten de wetenschappelijke waarde, kunnen deze inzichten een enorme impact hebben op kunstmatige intelligentie. Denk bijvoorbeeld aan het moment dat je in de auto zit en via de spraakbediening van je telefoon een nieuwe bestemming in je navigatiesysteem probeert in te voeren. Hoe vaak verstaat dat systeem je wel niet verkeerd?
Dit komt doordat mensen op zo ontzettend veel verschillende manieren spreken. Om spraak correct te kunnen verwerken, moet kunstmatige intelligentie dezelfde drempel over als wij. Als we kunnen ontdekken hoe de menselijke spraakwaarneming dit oplost, kunnen we deze inzichten toepassen om spraakherkenning in technologie te verbeteren.
Kun je meer vertellen over een specifiek project?
In een van mijn projecten heb ik getest of luisteraars kunnen wennen aan de specifieke spreekstijl van een ander. Specifieker: hoe mensen leren begrijpen waar iemand de klemtoon legt om woorden te benadrukken. Deelnemers kwamen naar het lab voor een computerexperiment, waarin ze luisterden naar twee sprekers die elk hun eigen unieke manier hadden om woorden te benadrukken. In het begin bracht dit de deelnemers behoorlijk in de war, maar gaandeweg raakten ze ingespeeld op de sprekers en begrepen ze hen steeds beter. Dit toont aan dat het begrijpen van gesproken taal van verschillende sprekers een flexibel proces is en dat mensen zich aanpassen aan de manier waarop elke persoon spreekt.
Kun je een moment beschrijven waarop je tijdens je PHD voor een grote uitdaging stond of een tegenslag meemaakte, en hoe je die hebt overwonnen?
Een moeilijk moment tijdens mijn PHD was toen een van mijn experimenten niet uitpakte zoals ik had verwacht. Ik zocht destijds naar de juiste experimentele opzet, maar we bleven maar resultaten krijgen die we niet konden verklaren.
Dit was behoorlijk uitdagend. Je stopt er ontzettend veel tijd en energie in, maar voor je gevoel tast je in het duister en boek je geen millimeter vooruitgang.
Uiteindelijk heb ik dit overwonnen door het experiment zodanig aan te passen dat ik in zekere zin afstand moest nemen van wat ik eerder had gedaan en iets compleet anders moest proberen. Dit leverde uiteindelijk het resultaat op waar ik op hoopte. Toch betekende dit niet dat al het werk dat ik had verricht voor niets was. Ik heb veel geleerd over wat wel (en wat niet) werkte, wat uiteindelijk leidde tot het laatste experiment.
De academische wereld is daarin weleens hard; dingen lopen zelden volgens plan. Maar het heeft me geleerd hoe belangrijk het is om flexibel te blijven, naar alternatieven te zoeken en te durven vertrouwen op een goede uitkomst.
Wat was het waardevolste moment tijdens je PhD?
Het klinkt misschien cliché, maar de verdediging was absoluut de kroon op mijn werk. Natuurlijk waren er kleinere successen, zoals een publicatie of een presentatie op een congres, maar de promotie zelf was absoluut het hoogtepunt. Het was fantastisch om te merken hoe geïnteresseerd de professoren en collega's waren in mijn onderzoek. Het voelde als een erkenning voor al die jaren hard werken. Maar het allermooiste was dat ik dit kon delen met mijn familie en vrienden. Het was uniek om al die trotse gezichten te zien, en het deed me beseffen hoe bijzonder het is om te promoveren.
Wat wil je hierna doen?
Mijn doel is om in de academische wereld te blijven. Ik wil onderzoek blijven doen naar onderwerpen die me fascineren en dit combineren met lesgeven. Momenteel werk ik als postdoc in Italië en ik ben heel benieuwd waar een carrière in het onderzoek me naartoe brengt. Uiteindelijk zou ik graag een eigen onderzoeksgroep opzetten, maar laten we het eerst stap voor stap bekijken.
Share this page